Fioe, heavy shit, die vorige blog. Bij deze beloof ik plechtig: het wordt luchtiger. Maar bekijk het even zo: deze mijlpalen moeten even de revue passeren om alles zo goed mogelijk te kunnen kaderen. Tijd dus voor een nieuw verhaaltje: een blog over hoe ik de man leerde kennen die er voor zorgde dat ik effectief mama werd. Het schoonste cadeau dat iemand me ooit gegeven heeft. 

We spreken eind november 2019, enkele maanden dus na ‘mijn in elkaar gestuikte wereld’. Zoals elk jaar was ik uitgenodigd voor een super fijn event. Om niet te veel prijs te geven: een Awardshow, van een magazine, vrije vertaling: ‘verhaal’. Vul zelf maar in. Echt één van de plezante feestjes van het jaar. De Awardshow zelf is leuk, maar het is het feestje achteraf dat altijd helemaal loco is en vaak doorgaat tot in de vroeger uurtjes (you know, pre-Corona tijden). 

We gingen met vieren. Drie vrijgezelle dames, eentje daarvan happy in love. Girls on a mission? Misschien. Het zou in ieder geval een interessante avond worden. 

Met een kater van jewelste werd ik de ochtend erna wakker in de hotelkamer die we met ons vieren hadden geboekt. En iedereen weet hoe dat gaat: the day after is vreselijk. Ik had een heel fijne, losse avond gehad, maar ik moest wel weer alleen naar huis en dat stak toch serieus tegen. Dan maar weer die verrekte datingapp openen en kijken welke matches erbij gekomen waren, zeker? 

Het waren er wel enkele maar oh boy, daar waren ze weer: de ene slechte openingszin na de andere. Met een kater op mijn maag iwaren de kotsneigingen des te meer aanwezig. Toch volharde ik en nam ik mezelf voor om alle matches te bekijken.

‘Gunther, 32 jaar uit Antwerpen’, een blonde, op het eerste zicht, goedlachse kerel. Een profiel dat me deed lachen en hij kreeg meteen een bonuspunt: een leuke eerste opmerking. Neen, bij hem had ik geen kotsneigingen. Fijn! Omdat die dag toch niet veel anders bracht, begonnen we te chatten (lekker oldschool). Een fijn gesprek, straight to the point, geen zever, geen belachelijke vragen. Leuk. Al snel vroeg hij om eens iets te gaan drinken want, zo zei hij zelf: “We kunnen hier nog weken berichtjes naar elkaar sturen, maar je weet toch pas echt of het klikt als je elkaar in het echte leven gezien hebt”. Ook dat vond ik een pluspunt. Mmm, ja deze man ticked a lot of boxes. 

Toch was ik er allemaal niet zo zeker van. Ik had al zoveel dates gehad en de mister right had er nog niet bijgezeten. Begrijp me niet verkeerd: ik heb ook echt heel fijne dates gehad, maar op één of andere manier was er dan toch niet genoeg interesse van mijn of zijn kant om er echt iets van te maken. De verwachtingen lagen dus, door de minder goede ervaringen die ik op het date-gebied al had gehad, eerder laag. Daarom gingen we ook gewoon iets drinken en als het dan klikte zouden we ook nog iets gaan eten. Ik vond dat een goede deal. 

Op woensdag 4 december trok ik na het werk richting Antwerpen stad naar de Patine. Een leuke wijnbar op de Leopold De Waelstraat. Toen ik aan kwam lopen was het vrijwel meteen duidelijk dat mijn date op het terras zat te wachten met een glas rosé voor zijn neus. Hij was gewoon heel erg blond, ik kon daar echt niet naast kijken. 

Het eerste contact was eigenlijk meteen mega hartelijk. Ik bestelde ook een glas wijn (achteraf vertelde hij me dat ik hem had gezegd dat mensen me Nasrien ‘rosé’ Cnops noemden… Nou, wat een openingszin Cnops… Vreemd dat hij toen niet meteen gaan lopen is) en voor we het wisten waren we de ‘ex-verhalen’ al op tafel aan het gooien. Gewoon, dan was dat achter de rug en wisten we meteen waarom we daar zaten. 

1 rosé werden er 2, 2 werden er 3. Enfin, het was gezellig. Gezellig genoeg om ook iets te eten. De date was dus al geslaagd. 

Hoe laat het uiteindelijk werd? Geen idee. Maar ik was best wel wat beschonken. En voor ik het wist stonden we te kussen op de Waalse Kaai. Kussen op een eerste date? Tuurlijk wel! Why not?

We zouden snel weer afspreken. 

En dat deden we. Enkele dagen later gingen we fluo-golfen en spaghetti eten. Weer enkele dagen daarna nodigde hij me uit om iets bij hem te komen eten. Het kon gezegd: het zag ernaar uit dat we toch heel erg graag bij elkaar waren. Maar (uiteraard is er een ‘maar’), ik had het best lastig om me open te stellen. En dat is een understatement. Ik had de voorbije maanden zo’n torenhoge muur opgebouwd, zelfs met alle mankracht ter wereld, die kon Gunther echt niet zomaar afbreken. Ik bleef koppig weerstand bieden tegen het ‘verliefd worden’, wou de controle niet verliezen en ik wou zo graag rationeel blijven in mijn omgang met hem. De teugels moesten in mijn handen blijven. Als ik de controle verloor, zou ik weer stapelverliefd worden, blind zijn voor de persoon die hij echt was en weer met een gebroken hart overblijven. Ik moest en zou alleen mezelf zien als vertrouwenspersoon, nooit meer iemand anders. 

Als er één ding is dat ik van Gunther kan zeggen, is dat het potverdikke een doorzetter is. Het gene dat ik altijd het meest van hem heb geapprecieerd is zijn ongelofelijk talent om te communiceren, en pas toen hij dat begon te doen, wist ik wat er was misgelopen in mijn vorige relaties. Nooit had ik kunnen communiceren met mijn vorige partners. Het cliché was bij hen echt wel waar: mannen kunnen niet praten. Maar Gunther wel. Ook op andere vlakken was hij anders. Ik herinner me het nog zo goed. We zaten bij mij thuis in de zetel en hij stond recht, liep naar de frigo en zei: ‘wat wil jij graag drinken?’. Mijn eerste reactie was: ‘Wat heb je gedaan?’. Geloof het of niet, zo een simpele dagdagelijkse vraag (die ik nu dus wel heel normaal vind) was ik niet gewoon. Ik deed alles gewoon zelf. Altijd. Ik bediende, maar werd nooit bediend binnen de relatie. Nu weet ik dat dat op alle vlakken ongelofelijk fout is en ik ben zo blij dat hij me dat heeft doen inzien. Hij zal daar ongetwijfeld nu ongelofelijk veel spijt van hebben. Jammer, te laat, voor mij een Moscow Mule alsjeblieft! En daar mag een extra scheut Wodka bij!

Nog 1000en voorbeelden zou ik kunnen geven over hoe Gunther mijn leven positief veranderde. Op een gegeven moment moest ik wel een beetje plooien en me meer gaan openstellen. Dat deed ik dan ook. We gingen heel snel samenwonen (begin eerste lockdown, dus 3 maanden na we elkaar leerden kennen) en dat ging goed. We gingen samen op vakantie, leerden elkaar kennen en we voelden dat het goed was. Wat ook een heel nieuw gegeven voor me was, was dat we konden ruziemaken. In mijn vorige relaties werd geen ruzie gemaakt. Daar werd gezwegen en opgekropt. Wat was het fijn om af en toe eens goed te roepen naar elkaar, om het achteraf, een paar uur later, met veel superlatieven weer goed te maken. Heerlijk. 

Ik zou nog dagen kunnen doorgaan. Verhalen die Gunther en ik die eerste maanden meemaakten. Maar daar gaat deze blog natuurlijk niet over. Deze blog gaat over mama zijn. Hoe ik dat werd, moet ik niet uitleggen neem ik aan. Het verhaal over de bloemetjes en de bijtjes vinden jullie ongetwijfeld ergens anders online. Maar wanneer dat allemaal in gang gezet werd, kan ik je wel vertellen. 

Dat mijn kinderwens heel erg groot was, wist Gunther uiteraard. Zoals mensen me kennen: ik liet hem dat ook wel echt genoeg weten. Omdat Gunther, Gunther is, werd er ook veel over gepraat. Hij wou kinderen maar voor hem moest dat allemaal niet zo snel gaan als bij mij. We moesten elkaar dus ergens ‘in the middle’ vinden. We zouden er volgend jaar aan beginnen. Dan zou het nog wel even kunnen duren. 

Mmmm, dat ging net iets anders. Enkele weken na Gunther zijn 33e verjaardag, die we eind september vierden, voelde ik me toch een beetje anders dan anders. Mijn maandstonden moest ik enkele dagen later krijgen, dacht ik, want zo precies wist ik dat allemaal niet. Toch besloot ik om enkele dagen later een zwangerschapstest te doen. En jawel hoor, daar stond een heel vaag streepje. 

Mijn eerste gevoel was een mega grote geluksgolf die over me heen stroomde, gevolgd met toch een heel klein beetje paniek. Is het nog niet te vroeg? Wat gaat Gunther zeggen? Wat gaan ‘de mensen’ zeggen? Ben ik er wel al klaar voor? 

Maar al die twijfels verdwenen als sneeuw voor de zon toen ik het aan Gunther vertelde. Hij was onwaarschijnlijk lief. Achteraf biechtte hij wel op dat hij het totaal niet had zien aankomen en dat hij toch wel erg geschrokken was. Wat ik begrijp, ik was ook geschrokken. 

Toch veranderde er instant iets, het moment dat we wisten dat er een kindje aankwam. We voelden ons onwaarschijnlijk hard verbonden en we wisten en voelden dat we dit samen zo goed zouden doen. 

Feit was wel: na mijn miskraam een jaar en half eerder, zat de schrik er goed in. 

Hoe die zwangerschap verliep? Dat vertel ik je graag in deel 3 van ‘Hoe het allemaal begon’. 

Je houd misschien ook van...

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.